Totaaloverzicht

De totalen van de begroting 2026 worden in onderstaand overzicht weergegeven.

Programma totaal

Primitief lasten

Primitief baten

baten en lasten

Sociaal

29.499

12.979

Ruimte

16.465

9.101

Bedrijfsvoering

13.523

36.773

Gebiedsontwikkeling en RO-projecten

4.415

3.169

Totaal mutaties programma's

63.903

62.021

reserves

Sociaal

49

246

Ruimte

-

85

Bedrijfsvoering

60

37

Gebiedsontwikkeling en RO-projecten

1.241

1.368

Totaal mutaties programma's

1.350

1.735

Saldo

65.253

63.757

Het saldo van de (meerjaren)begroting 2026-2029 laat de volgende ontwikkeling zien1:

Programmatotaal

R2024

B2025

B2026

B2027

B2028

B2029

Lasten

58.292

66.828

63.903

57.363

56.759

60.739

Baten

61.793

62.892

62.021

56.429

58.216

61.677

Saldo baten en lasten

3.501

-3.936

-1.881

-933

1.457

938

Toevoegingen aan reserves

8.855

3.641

1.350

3.283

1.278

1.174

Onttrekkingen aan reserves

9.573

8.147

1.735

3.519

1.520

1.487

Saldo reserves

717

4.507

385

236

243

312

Saldo

4.218

571

-1.496

-698

1.700

1.251

Recent is ook de septembercirculaire 2025 verschenen. De effecten hiervan op de (meerjaren)begroting 2026-2029 zijn als volgt:

2025

2026

2027

2028

2029

Saldo na tweede bestuursrapportage en programmabegroting 2026-2029

571

-1.496

-698

1.700

1.251

Saldo effect Septembercirculaire

873

-41

-71

-90

-135

Saldo na verwerking Septembercirculaire

1.444

-1.537

-769

1.610

1.116

Financieel beeld begroting 2026

Het financiële beeld in deze begroting sluit aan bij de kaders die eerder zijn gepresenteerd in de kadernota 2026-2029. In lijn met die nota laat het jaar 2026 nog een aanzienlijk tekort zien. In 2027 is er nog een tekort en vanaf 2028 is er sprake van een structureel overschot, waardoor het financieel perspectief van de gemeente in de meerjarenraming duidelijk positief is.

Het tekort in 2026 is onder andere het gevolg van een tijdelijke daling in de inkomsten uit toeristenbelasting. Deze daling hangt samen met de verbouwing van het Bastion Hotel, dat gedurende 2026 slechts beperkt geopend zal zijn. Vanaf 2028 wordt, als gevolg van de uitbreiding van het hotel, een structurele stijging van de inkomsten uit toeristenbelasting verwacht.

Tussen 2026 en de jaren 2027-2029 zitten grote verschillen qua opgenomen baten en lasten. Dit komt doordat de baten en lasten voor de opvang van vluchtelingen enkel zijn opgenomen in 2026. Het is voor 2027 en verder nog niet zeker dat de opvang van vluchtelingen nodig blijft en om welke bedragen dit zal gaan. De grote verschillen tussen 2026 en de jaren 2027-2029 zijn dus verklaarbaar.

Effecten septembercirculaire 2025

Op 16 september is de septembercirculaire 2025 verschenen. Met name op 2025 heeft de septembercirculaire een incidenteel positief effect, door een voorschot uit het BTW-compensatiefonds en een eenmalige teruggave als compensatie voor de bezuinigingen op jeugd in 2023 en 2024. Voor de jaren 2026-2029 heeft de septembercirculaire een klein nadelig effect. Dit komt voort uit een negatieve bijstelling van het accres. Gelijktijdig met de behandeling van de begroting op 13 november 2025, wordt een separate memo over de effecten van de septembercirculaire aangeboden aan de gemeenteraad. Hierin worden alle effecten van de septembercirculaire 2025 voor de gemeente Ouder-Amstel beschreven.

Meerjarig structureel en reëel in evenwicht

De begroting 2026 en het meerjarenperspectief 2026-2029 worden integraal beoordeeld door de toezichthouder, de provincie Noord-Holland. De provincie stelt als voorwaarde dat de begroting ten minste structureel en reëel sluitend is in het begrotingsjaar (2026) of in het laatste jaar van de meerjarenraming (2029). Hoewel de begroting voor 2026 een tekort laat zien, is de meerjarenbegroting vanaf 2028 structureel in evenwicht. De gemeente Ouder-Amstel voldoet daarmee aan de eisen van de provincie.

Positieve effecten meicirculaire 2025

Dankzij de extra middelen die beschikbaar zijn gekomen via de meicirculaire 2025, is het beeld met name voor de jaren 2026 en 2027 positiever dan eerder geraamd. Deze extra middelen bieden tijdelijk financiële ruimte, maar nemen de structurele opgaven op langere termijn niet weg.

Groei van de gemeente beïnvloedt baten én lasten

De gemeente Ouder-Amstel zet zich ook de komende jaren in voor groei, zowel in inwonersaantal als in fysieke ontwikkeling van vastgoed en voorzieningen. Deze groei heeft een dubbele impact op het financieel beeld. Enerzijds nemen de baten toe, onder andere door hogere opbrengsten uit de OZB, parkeergelden, toeristenbelasting en een stijging van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Anderzijds leiden de groei en de daaraan gekoppelde ambities tot hogere lasten, zoals kapitaallasten voor investeringen in maatschappelijke voorzieningen (zoals basisscholen), stijgende kosten in het sociaal domein en hogere bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen. Om deze groei te verwerken in het meerjarenperspectief, zijn de inkomsten geraamd op basis van de verwachte groei. Daartegenover is een stelpost opgenomen voor de lasten die hiermee gepaard gaan. In de komende jaren worden deze lasten nader uitgewerkt en in beeld gebracht.

Indexatie

In de begroting is rekening gehouden met prijs- en loonontwikkelingen op basis van het Centraal Economisch Plan 2025 (CEP). Hiervoor is een stelpost opgenomen met een prijsindex van 2,1% en een loonindex van 1,8%. Deze indexcijfers zijn gelijk aan de percentages die eerder in de kadernota zijn opgenomen.

Woonlasten 2026

De woonlasten stijgen in 2026 met 7,35% voor een gemiddeld meerpersoonshuishouden. Dit betekent een stijging van € 82,31 ten opzichte van 2025. Deze stijging wordt grotendeels veroorzaakt door een hogere afvalstoffenheffing. Per 1 januari 2026 sluit de gemeente aan bij een nieuwe afvalinzamelaar, Cyclus N.V. De hogere kosten die hiermee gepaard gaan, worden doorberekend in de heffing. Ook de OZB-last stijgt voor een gemiddeld huishouden, ondanks een verlaging van het tarief. Dit is het gevolg van een verwachte stijging van de WOZ-waarden.

Reservepositie en weerstandsvermogen

De algemene reserve van de gemeente is bij de jaarstukken 2024 aangevuld tot een niveau van € 8.998.000. Deze reserve fungeert als buffer tegen onverwachte financiële tegenvallers. De risicoanalyse, zoals opgenomen in paragraaf 4.6 ‘Weerstandsvermogen en risicobeheersing’, toont aan dat het weerstandsvermogen van de gemeente op dit moment ruim voldoende is. Het verwachte tekort in 2026 zal echter leiden tot een daling van de algemene reserve, wat de reservepositie en het weerstandsvermogen tijdelijk verslechterd. Gezien het positieve meerjarenbeeld vanaf 2028 vormt dit vooralsnog geen reden tot zorg.

Nuances op begrotingsresultaat

De verwachting is dat de investering in het Centrumplan Ouderkerk ('t Kampje) eind 2025 of begin 2026 wordt afgerond. Er is door de gemeenteraad in 2025 een bestemmingsreserve ingesteld voor de kapitaallasten van het Centrumplan ter hoogte van het extra benodigde investeringsbudget, € 869.500. Hierin is ook een onvoorziene post opgenomen van € 200.000. De verwachting is dat de realisatie van het Centrumplan een stuk lager uitvalt. De onderuitputting van het investeringsbudget wordt ook uit de reserve voor de kapitaallasten onttrokken. Dit heeft een positief effect op het begrotingsresultaat van 2026.

Stel uw document zelf samen

SELECTIE

0 - geselecteerd

Direct downloaden


Volledige pdf